vrijdag , 22 juni 2018
Nieuwe vraag
Home » Ramadan » De behoefte naar verbondenheid met de Schepper
Schepper

De behoefte naar verbondenheid met de Schepper

Het vasten is goed voor een mens omdat het de mens doet inzien hoe arm hij is ten opzichte van de veelvuldigheid van zijn behoeften en hoe arm hij is om daadwerkelijk al deze behoeften te kunnen voorzien:

De mens kan vanwege achteloosheid zijn eigen aard vergeten. De mens ziet namelijk niet in hoe hulpeloos, arm en defectief hij soms kan zijn of wilt het gewoonweg niet inzien. Terwijl de mens naast onbeperkte middelen zoals water en lucht ook afhankelijk is van liefde en mededogen. De mens kan een klein gedeelte van de spirituele middelen zelf verkrijgen, maar is niet in staat om alles te bemachtigen. Voor water heb je regen nodig. De mens is niet in staat om er bijvoorbeeld voor te zorgen dat het regent. Om brood te kunnen eten moet de ecologie intact zijn, de zon moet bijvoorbeeld schijnen, de aarde draaien de wolken zonlicht weerkaatsen. De mens is ook niet in staat om dit proces op gang te zetten.

De mens vergeet hoe zwak en vergankelijk hij is en ook hoe kwetsbaar  ten opzichte van onheil. De mens vergeet dat het van vlees en bloed is. In plaats daarvan denkt de mens dat hij als het ware een stalen lichaam bezit en onsterfelijk is. Dit dwaalbegrip leidt ertoe dat men overdreven verbonden raakt met wereldlijke zaken zoals roem en rijkdom. De mens vergeet daardoor zijn Schepper, die hem uit barmhartigheid heeft geschapen, en ook de reden van zijn schepping. De mens denkt niet meer aan het Hiernamaals en beland in een zee van zonden.

Het vasten tijdens de Ramadan, is voor de mensen die volharden in hun achteloosheid een herinnering dat ook zij zwak en ‘arm’ zijn. Vanwege het lijden van honger denkt de mens aan zijn maag en zal zo de behoeften van zijn maag doorzien. De mens zal zich herinneren hoe zwak en behoeftig zijn lichaam is. Waarna hij zal beseffen dat ook hij afhankelijk is van barmhartigheid en mededogen. Hij zal zijn Ego verlaten en zal zijn behoefte naar verbondenheid met zijn Schepper voelen. Hij zal zich met spirituele dankbaarheid toevertrouwen aan de barmhartigheid van zijn Schepper.