vrijdag , 22 juni 2018
Nieuwe vraag
Home » Ramadan » Voor wie is het vasten verplicht?
Vasten

Voor wie is het vasten verplicht?

Elke moslim zonder verstandelijke beperking(en), die de pubertijd heeft bereikt en geen reden heeft om niet te vasten, is verplicht om in de Ramadan te vasten.

De islam belast niemand met iets wat hij of zij niet aankan. Tijdens nood biedt de Islam een aantal uitwegen. Degenen die voldoen aan de hieronder vermelde redenen hoeven niet te vasten, op voorwaarde dat zij de gemiste vastdagen inhalen of, indien niet mogelijk, hoort er daarvoor in de plaats de zo geheten “Fidye” betaald te worden.

a) Reizen

Tijdens het reizen is het toegestaan om niet te vasten. De niet gevaste dagen dienen later ingehaald te worden. In de edele Koran staat: ‘’ O jullie die geloven, het vasten is jullie verplicht gesteld, zoals het ook verplicht was voor degenen vóór jullie, hopelijk zullen jullie (Allah) vrezen. (Vast) een vastgesteld aantal dagen. Maar diegene die van jullie ziek is, of op reis, dan een aantal andere dagen. En op degenen die slechts met grote moeite kunnen vasten (en het dan niet doen) rust de plicht van fidye: het voeden van een arme. Maar degene die vrijwillig meer (dan verplicht is) geeft: dat is beter voor hem. En dat jullie vasten is beter voor jullie, als jullie dat maar weten. (1)

Wanneer iemand ‘s nachts de intentie heeft om te vasten en overdag op reis gaat, hij mag zelf bepalen of hij zijn vasten wil verbreken of niet. Wanneer iemand s’ nachts de intentie heeft om te vasten en overdag gedwongen moet reizen, mag hij zijn vasten verbreken mits hij moeilijkheden gaat ervaren; echter wordt het voltooien van zijn vasten geschikter gezien. Toen de profeet op tocht ging voor de verovering van Mekka, vastte hij. Echter verbrak hij zijn vasten toen hij aankwam in een gebied genaamd Kedid. (2) Deze gebeurtenis toont aan dat verbreking van het vasten mogelijk is tijdens reis.

b) Ziekte

Iemand met een ziekte die verergerd of verlengd wordt wanneer hij vast, hoeft niet te vasten tijdens de Ramadan. Na herstel hoort hij de gemiste dagen in te halen. Dit geldt ook voor een persoon die van een bevoegd iemand te horen krijgt dat hij ziek zal worden als hij zou vasten.

c) Zwangerschap en borstvoeding

Een zwangere vrouw die schade zou toebrengen aan haarzelf of haar kind door te vasten, hoeft niet te vasten. Een vrouw met een baby aan wie zij borstvoeding geeft, hoeft ook niet te vasten als haar borstvoeding hiermee gehinderd wordt of haar kind schade oploopt vanwege haar vasten. De profeet (v.z.m.h) heeft hiervoor toestemming gegeven. (3)

d) Het uitoefenen van moeilijke en afmattende beroepen

Iemand die verwacht schade aan zijn gezondheid toe te brengen door te vasten, hoeft niet te vasten. In dit geval zal het vasten ingehaald moeten worden op de vrije dagen of op andere geschikte dagen.

Iemand die genoodzaakt is om vastend zware arbeid te verrichten en hiermee zijn gezondheid in gevaar te brengen, moet, als hij er voor kiest om niet te vasten, de niet gevaste dagen van de maand Ramadan inhalen op een geschikte dag.

In de edele Koran staat: ‘’ De maand Ramadan is het waarin de Koran is neergezonden, als Leiding voor de mensheid en als duidelijke bewijzen van de Leiding en de Foerqan. Wie van jullie aanwezig is in de maand, laat die dan vasten, maar wie ziek is of op reis, dan is er een aantal andere dagen( om de vasten in te halen). Allah wenst voor jullie het gemakkelijke en Hij wenst niet voor jullie het ongemak. En maakt het aantal (dagen) vol en prijst Allah’s grootheid. Omdat Hij jullie leiding schonk. Hopelijk zullen jullie dankbaar zijn. (4)

e) Ouderdom

Iemand die te oud is om te vasten, kan daarvoor in de plaats de zogeheten “fidye” geven. In soerah el Baqarah vers 184, staat dat dergelijke mensen in plaats van vasten, fidye moeten betalen omdat vasten onmogelijk is voor hen. Dezelfde regel geldt voor mensen met een ongeneesbare ziekte die noodgedwongen vanwege hun ziekte, hun vasten niet kunnen uitvoeren.

_____________________________________________________

[1] Baqarah 2/183-184

[2] Buharí, Savm, 34; Muslim, Siyam, 15

[3] Nesai, Siyam, 50-51, 62; Ibni Mace, Siyam, 3

[4] Baqara; 2/ 183-185